Intussen op de werkvloer deel 4: "werk in uitvoering"
In deze serie schrijf ik over mijn avonturen op de werkvloer.
Veranderingen. Ik hou er niet van. Ironisch dat ik van veranderen mijn werk heb gemaakt, denk ik, terwijl ik met Bassie door het Amsterdamse bos wandel.
Alleen al van het woord verandermanagement hou ik niet. Het suggereert een maakbaarheid die in de praktijk weerbarstiger is dan de blauwdruk op de tekentafel doet vermoeden. Het lijkt te miskennen dat ‘het proces’ – hoe zorgvuldig ook begeleid - niet per se rekening houdt met de unieke, dynamische en soms chaotische aspecten van organisatieverandering [John Kotter bijvoorbeeld]. Causaliteit, synchroniciteit en toeval worden verward, irrationeel gedrag wordt weggerationaliseerd en logische volgordelijkheid klakkeloos aangenomen. In het echt gaat het zo nooit. Wat in het ene geval werkt, werkt in het andere geval niet. Om nog maar te zwijgen van het feit dat de verandering op zich soms al zo veel energie opslokt dat er verder niet zo veel meer gebeurt.
Vroeger leidden ogenschijnlijk kleine veranderingen bij mij al tot paniek. Ik herinner me nog levendig het drama rond het afzagen van een tak van een boom bij ons familiehuis op Terschelling. En nu nog: als je me echt op de kast wil krijgen, dan plemp je zomaar op het laatste moment een afspraak in mijn agenda. Loopt mijn hele dag ineens anders en ben ik nergens op voorbereid. Ook thuis levert mijn aversie tegen verandering hilarische situaties op. “Als we de kast nou eens daar zetten?” vraagt mijn vriend Edwin wel eens. Hij heeft een interieurwinkel en is graag bezig met het huis.
Ik begin dan onmiddellijk bedenkelijk te kijken. Niet omdat ik de plaats van die kast nou zo belangrijk vind. Mijn brein begint als een razende uitvluchten en doemscenario’s te produceren. ‘Voor je het weet staat mijn stereo ook ergens anders’, denk ik dan bijvoorbeeld ten onrechte. Is het angst voor verlies van controle? Ben ik bang dat routines doorbroken worden? Kost het aanpassen aan de nieuwe situatie me te veel energie?
Ironisch dus dat ik me bijna dagelijks bezig hou met veranderprocessen. Want zelden heb ik een opdracht of vraag alles te houden als het was. Misschien wel een idee trouwens. Wat meer beleid gericht op iets precies hetzelfde houden. Ik heb toch de indruk dat meer mensen niet zo van verandering houden, graag willen dat alles blijft zoals het is. Soms moet je iets wel doen als je wilt dat het niet verandert.
Ik vind verandering ook leuk. Achter elke verandering liggen avontuur, spanning en nieuwe ervaringen te wachten ontdekt te worden. Weerstand tegen verandering kan een barrière vormen om nieuwe paden in te slaan en een gebied te verkennen dat je nog niet kent – misschien wel mooier of fijner dan wat je wel kent. En als je bereid bent om dat veranderen zoekend te doen, met voldoende rust, vertrouwen en ruimte voor iedereen, kan de weg zelf ook echt leuk zijn. De methoden die Vermaak en De Caluwe of Nicoline Mulder aanreiken vind ik – net als vele andere modellen - prachtige modellen die kunnen helpen om samen een bal de goede kant op te rollen.
Mijn mijmeringen worden onderbroken door een hek. Het blokkeert ons dagelijkse rondje in het bos (langs die ene mooie wilg aan die leuke oever). “Werk in uitvoering. Dit stuk van het bos is niet toegankelijk”, staat er op een bordje.