Etappe 7, deel 2: 'Winterjas'

18 mei 2024

Ook voor Edwin wil het nog niet direct mooi weer worden. Mijn meest gedragen kledingstukken zijn mijn wind- en waterdichte buitenkant van mijn ski-jas, mijn thermoshirt en de witte muts die ik van mijn collegas bij mijn afscheid heb gekregen. De muts die wit was moet ik zeggen, want sinds Bassie hem als aap gebruikt heeft is hij aanzienlijk minder wit. Het is koud en nat, maar tussen de wolken schijnt de zon.

Van Soulac in het Noorden zakken we langzaam af richting Cad Ferret un het zuiden. Er is niemand op zee. Geen surfers en geen kiters. De zee is prachtig, de badplaatsen niet. Toch vinden we ook hier een leuk en eenvoudig surf-stijl restaurant waar we lekker eten, terwijl het buiten giet van de regen. Alleen uit eten is leuk, maar samen met Edwin leuker. Ik weet dan natuurlijk nog niet dat het minstens 5 dagen zou duren tot ik weer een beetje in mijn eentje gewend zou zijn na deze etappe samen. Ik weet ook nog niet dat het verlangen om samen te zijn, samen te reizen zoveel sterker zou worden en ook niet meer weg zou gaan. Dat eenzaamheid en heimwee zouden groeien.

Tussen de buien schijnt de zon, achter de duinen liggen meren. Dat van Lacanau is bekend, dat van Hourtin minder. Fransen houden om een of andere reden van kiten op meren en het meeer van Hourtin is dan ook de enige kitespot in de buurt waar iemand te bekennen is. De wind waait met vlagen. Edwin gaat met Bassie wandelen, ik ga het meer op. Ik ben altijd al behoorlijk zenuwachtig als ik een kite oplaat (de meeste ongelukken gebeuren op het strand), maar helemaal als het om een Flysurfer kite gaat op een strandje waar nauwelijks plek is en ik de kite tussen de bomen en hekken door omhoog moet sturen terwijl hij zich met lucht vult. 'Zij' zou een Fransman zeggen.  Als ik eenmaal van wal ben, geniet ik van het meer. We slapen op de camperplek aan de oever in het grotendeels verlaten vakantiedorp. Buiten regent het weer.

Adriaan Brouwer